In de ban van het lichaam of de mythe van de schoonheid


(Bron : http://143.169.1.181/zorrabackupsite/)

Voordracht gehouden Frida Bogaerts(*)
op 7 maart 2002 op de Hoorzittting Gewichtsproblematiek van het Vlaams Parlement
(*) Pedagoge-seksuologe, Supervisor Huwelijk en Gezin - Seksuologie - Gynaecologische Psychosomatiek. Consulent Oncologie, Multidisciplinair Borstcentrum, Oncologische dagkliniek en Palliatieve Zorgen - Universitaire Ziekenhuizen, Leuven.

Dames en Heren,
Vooreerst mijn erkentelijkheid voor deze uitnodiging om tot u het woord te richten. Ik spreek tot u vanuit een klinische ervaring.
Ik ben seksuologe, met een vooropleiding in de pedagogie en werk sedert '75 in de universitaire ziekenhuizen van Leuven. Werkzaam op een seksuologische raadpleging, was ik tevens consulent op een gynaecologische afdeling (7 jaar), een plastische en reconstructief chirurgische afdeling met brandwondencentrum (10 jaar) en nu op een oncologische en palliatieve afdeling (1 jaar). Hierbij werd/word ik als `psie' geconfronteerd met o.m. jonge meisjes, geboren zonder schede, die een operatieve vagina (vagina-plastic) ondergaan; met brandwondenpatienten, die van de ene moment op de andere, moeten leren (over) leven met een (soms gruwelijk) verminkt lichaam en verloren ledematen; met mannen en vrouwen, ontevreden over een bepaald lichaamsdeel (neus, kin, boezem, buik, dijen ...) en de wens naar een operatieve verbetering ervan; met vrouwen getroffen door borstkanker en de belastende en vaak lichaamsverminkende behandeling (amputatie, operatieve ingrepen) en lichaamsherstellende behandeling (borstreconstructie) ervan ...
Daar waar een somatisch dokter, vanuit een Cartesiaans denken nog vaak het lichaam als object, Korper (Durckheim), le corps object (Sartre) benadert en aldus het lichaam reduceert tot een studie-object dat vanuit wetenschappelijke disciplines als anatomie, fysiologie, biochemie ... kan bekeken, gemeten, geanalyseerd worden, daar zijn in werkelijkheid de Soma en Psyche/het lichaam en de `ziel' niet los van elkaar to denken: ze zijn in elkaar geimpliceerd. Het lichaam is `Interactie,' Leib (Durckheim), le corps vécu (Sartre), le corps sujet (Merleau-Ponty). Of zoals Boss het uitdrukt: Ik ben lichamelijk. Het lichaam als mogelijkheidsvoorwaarde voor het lichaam hebben.
Daarom betekent een integrale hulpverlening aan een patiënt dan ook oog en oor hebben voor de hele geschiedenis van deze persoon, gehuld in een lichaam, opgegroeid temidden van anderen die evenzeer gebonden zijn aan hun lichaam.
De twee sleutelbegrippen Lichaamsschema en Lichaamsbeeld/Body Image vormen hierbij een leidraad.
Het Lichaamsschema/Body Scheme verwijst naar de objectieve gesteldheid van het lichaam, dat in principe dan ook globaal niet verschilt van individuen van eenzelfde geslacht en leeftijd. Maar toch is dit lichaam tegelijkertijd een individueel onherleidbaar substraat door zijn bijzonderheden, karakteristieken, eventueel aangeboren of verworven ziekten en handicaps. Het Lichaamsbeeld/Body Image representeert de concrete geschiedenis die elk individu, opgegroeid temidden van anderen, heeft doorgemaakt. Het is m.a.w. het onbewuste geheugen van emotionele ervaringen, de onbewuste voorstelling van de subjectieve levensgeschiedenis. Het verwijst naar de structuur en de lotgevallen van ieders individueel verlangen.
Ook op mijn seksuologische raadpleging word ik dagelijks geconfronteerd met dit lichaam als Corps Sujet en met het belang van het Lichaamsbeeld of deze gevoelsmatige voorstelling van het eigen lichaam. Want tal van seksuele dysfuncties, depressies en verslavingen gaan terug op een zich niet goed voelen in zijn vel, op een gevoelsmatig ontevreden en onbevredigd bewonen van het eigen lichaam. We leven immers in een tijd van wetenschappelijke vooruitgang en overmoed: the sky is the limit, en een roes van almacht stuwt ons naar een hollend bestaan, zonder tijd tot stil-staan, tot over-denken. Gestroomlijnd in een uniforme samenleving van gelijk denken, handelen, voelen is er nog weinig plaats voor individualiteit, originaliteit eigen-aardigheid. En in die wegwerpmaatschappij met haar kortzichtige kijk op de materie - de loutere oppervlakte krijgt het lichaam een steeds meer bevoorrechte plaats. Evenwel niet het persoonlijke, unieke, eigen-aardige Corps Sujet, maar wel het ezonde, jonge, slanke en gespierde lichaam. Het lichaam als louter uiterliik en aldus sterk verbonden met schoonheid.
Dit is niet altijd zo geweest. Kunstenaars kennen nog steeds het `Griekse ideaal' : de proporties die Griekse beelden hebben. Maar die beelden stelden enkel goden en godinnen voor. De belangrijkste Griekse mannen werden afgebeeld compleet met buikje en rimpels. De vrouwen werden nooit zo belangrijk geacht dat ze een beeld kregen... Tot ver in de middeleeuwen moesten vrouwen sterk en gezond zijn, zodat ze naast hun man konden werken en kinderen baren. De Middeleeuwers dachten dat lelijke mensen slecht waren. Op de schilderijen van Jeroen Bosch ziet men zo wie gierig, ijdel of ontuchtig was. Maar mooie mensen waren ook verdacht, en mooie vrouwen zeker, want ze verleidden de man tot seksuele gedachten i.p.v. denken aan geloof of aan oorlog.
Na de Middeleeuwen verbeterde de levensstandaard van de adel en de burgerij. De huizen werden comfortabeler en het grootste praalstuk van de man was zijn echtgenote. Of de dikke vrouwen die Rubens schilderde ook mooi werden bevonden in onzeker. Wel staat vast dat zo'n vrouw welgesteld was: enkel rijken konden veel eten.
Deze burgervrouwen moesten wel steeds het fatsoen hoog houden. En in de vorige eeuw beweerden de meeste dokters met een uitgestreken gezicht dat de vrouw geen orgasme kende zoals de man, maar volledige seksuele bevrediging vond in het moederschap. Toch begonnen de vrouwen stilletjes aan meer hun eigen zin te doen. Ondanks alarmerende berichten dat lichaamsbeweging hysterie kon veroorzaken gingen steeds meer vrouwen tennissen, turnen of fietsen. Door die lichamelijke activiteit leerden vrouwen hun lichaam beter kennen. Maar het betekent niet dat ze er ook meer zeggingskracht over kregen: mannelijke gynaecologen in hospitalen - "moederhuizen" - vervingen de vroedvrouwen, en vele vrouwen kregen geslachtziekten die hun man bij prostituees opliepen. De schoonheidsrage zoals we die nu kennen is van recente datum en - gek genoeg begonnen met het feminisme. Nauwelijks was de vrouw het corset kwijtgespeeld of ze snoerde haar borsten in en ging op dieet. Want in de jaren '20 van vorige eeuw wilden jonge vrouwen een jongensachtig figuur voor het charlestonjurkjes. Moeder en oma waren nog gezette matrones, maar de dochter was slank, deed aan sport, ging laat dansen en ging - tot overmaat van ramp - als de eerste de beste boerin in de zon zitten zonder haar huid to bedekken ... Hoewel vrouwen zich dankzij de emancipatie - niet meer uitsluitend als echtgenote of minnares van een rijk man konden opwerken, bleef schoonheid een voordeel. De media ontdekten de foto en mooie vrouwen kregen meer aandacht in de weekbladen dan lelijke ... En zo kregen vrouwen het idee dat succesvolle vrouwen ook mooi moesten zijn. Supervrouw was geboren: slim, sterk in haar werk, een fantastische sekspartner, een goede huisvrouw en moeder, en ook mooi. En voor een keer volgden de mannen de vrouw. Want toen John Kennedy werd verkozen en tegenstrevers beweerden dat hij zijn succes aan zijn jeugd to danken had, begonnen ook mannen hun uiterlijk belangrijk to vinden. En geleidelijk aan draaiden mannen en vrouwen dol: iedereen poetst, kneedt en werkt aan het lichaam en probeert er slank, fit en - vooral - jong uit to zien, en dit alles vanonder de plak van een onrealistisch en - vooral vrouw - onvriendelijk schoonheidsideaal.
Van waar komt dit schoonheidsideaal ?
Reeds in 1855 schreef Lucy S, een voorvechtster van het stemrecht: "Het zegt me bijzonder weinig dat ik mag stemmen, eigendommen bezitten, enzovoort, wanneer ik niet zelf de zeggingschap heb over mijn lichaam en functies ervan." Na de vroegere mythe van de huiselijke vrouw (Betty Friedan) kwam nu de mythe van de mooie vrouw.
Waren natuurlijke rondingen gedurende de hele geschiedenis van de mensheid geliefd, ten tijde van de strijd omhet kiesrecht ontstond er plotseling een grote voorkeur voor superslank. En even keerde het vlees terug toen de vrouwen in de jaren '50 massaal weer thuis in de keuken zaten. Maar met de opkomst van het feminisme, toen vrouwen zich in de openbaarheid begaven en de - voordien exclusieve - mannelijke bolwerken betraden, is het ideale gewicht weer gedaald.
Volgens Germaine Greer heeft de vrouwenemancipatie niet veel gerealiseerd voor de vrouw. Want vele vrouwen zijn doodongelukkig en diepgefrustreerd, vooral omwille van hun lichaam. De seksuele revolutie bevrijdde de vrouw niet, maar zadelde haar op met de leugen van een lichamelijk onbereikbaar ideaal, ontleend aan de commercie en gesteund op mannelijke fantasieën.
Volgens Naomi Wolf hebben vrouwen, vooral sedert de 2e emancipatiegolf van de jaren '70 machtsstructuren doorbroken, maar is er tevens een heftig verzet ontstaan, waarbij beelden van vrouwelijke schoonheid gebruikt worden als een politiek wapen tegen een hogere status van de vrouw. Het is deze dominante cultuur niet to doen om dunne vrouwen, maar wel om de gevolgen die het slankheids- en schoonheidsdictaat voor vrouwen heeft. En een van de grimmigste gevolgen is alvast de geweldige groei van het aantal eetstoornissen als Anorexia en Boulemia, alsook de toename van esthetische operaties - met de bijkomende verslaving eraan, nl. het Venussyndroom-, en een hoog en peperduur cosmeticagebruik.
Ook blijkt steeds vaker dat de uiterlijke schoonheid als een beroepskwalificatie wordt gehanteerd en dat de vrouw op de arbeidsmarkt - net als vroeger op de huwelijksmarkt wordt afgestraft door haar uiterlijk.
Het feminisme doorprikt snel en grondig allerlei mythen (huiselijkheid/moederschap) over de vrouw en discriminatie op grond van het geslacht werd verboden. Daarom was er geen ander middel meer om de opmars van vrouwen te stuiten dan door het opleggen van een irreëel schoonheidsideaal dat vrouwen hun zelfvertrouwen kost, maar ook al hun energie: "Het onuitputtelijk huishoudelijk werk van vroeger is vervangen door dit nieuwe, onuitputtelijke, verplichte gepoets aan jezelf' (M. Wolf). En dit alles maakt de vrouw futloos, wakkert onderlinge rivaliteit aan en maakt haar politiek en maatschappelijk ongevaarlijk.
Mijn inziens is deze analyse vanuit feministische hoek gedeeltelijk waar. Het is juist dat veel energie van vrouwen naar hun uiterlijk gaat en dat industrieën hiermee vet geld verdienen. En ook is het waar dat de mannenwereld mondige vrouwen het liefst weert. Maar nog een andere factor speelt. De huidige vrouw is op zoek naar een nieuwe identiteit, een nieuw terrein van erkenning, van macht. Want sedert zij het alleenrecht - macht - verloor in de opvoeding, het huishouden, de verzorging, én sedert een lustvolle seksuele partnerrelatie mogelijk werd dankzij de invoer van veilige contraceptie, gaat de hedendaagse vrouw steeds meer aandacht besteden en belang hechten aan de onderlinge man-vrouw/partnerrelatie. Om deze onderlinge partnerrelatie te kunnen ontplooien moet de vrouw behagen aan de man, en moet zij meer aandacht geven aan haar uiterlijk, aan schoonheid. Want in onze samenleving geldt nog steeds dat mannen moeten presteren, en vrouwen presenteren. En daar waar vrouwen vooral horen/luisteren naar (schoonpraters van) mannen, kijken mannen vooral naar het bevallig uiterlijk van vrouwen.
Dus de verschuiving in de rol/taak van de vrouw - van voortplanting naar seksueel partnerschap - heeft niet alleen tot doel om de vrouw to ondermijnen. Vrouwen willen ook mooi zijn om hun seksuele partnerrol beter te kunnen vervullen.
Volgens Susie Orbach ("Mooi dik is niet lelijk") is er geen enkele vrouw die zich geen zorgen maakt over haar lichaam en die een normale verhouding heeft met eten. Vrouwen eten dwangmatig, ze eten om hun gevoelens to verbergen, om zichzelf te straffen. Orbach verdeelt vrouwen, al naargelang hun relatie met eten, in 4 categorieën.
Vooreerst zijn er de vrouwen die al jaren fors zijn en zich wanhopig afvragen of ze ooit slank zullen zijn. Ze hebben het gevoel dat alles beter zou gaan als ze slank waren. De grootste groep wordt gevormd door vrouwen die voortdurend van gewicht schommelen: de jojo-ers, die gemakkelijk veel kilos kwijt maar ook opnieuw rijk raken. De derde groep heeft een gemiddeld gewicht, krijgt vaak aanvallen van eetlust en gaat daarna alles weer uitbraken. Een laatste groep wordt gevormd door de echte anorexiepatiënten, die vaak extreem mager zijn, niet durven eten en als ze het al doen alles systematisch weer gaan uitbraken.
Naomi Wolf benadrukt de functie van het eten als een sociaal gebeuren: het delen van een maaltijd met elkaar bevestigt een sociale gelijkheid. Het woord `compagnon' is afgeleid van het latijne `con pane' wat letterlijk `met brood' betekent: zij die het brood met elkaar delen. De verminderde porties van de vrouw betekenen dat zij - onder de norm van een slank lijf niet beschouwd wordt als een gelijkwaardige disgenoot van de man en een lagere status in de gemeenschap inneemt. En alzo ontstaat dan die paradoxale situatie waarbij vrouwen, die eindelijk een behoorlijk salaris verdienen, zich niet eens drie behoorlijke maaltijden per dag veroorloven. Zij lijden honger alsof ze doodarm zijn. Ze geven krankzinnige bedragen uit aan schoonheidsproducten, die vrijwel allemaal nep zijn. Ze streven naar dat ideale uiterlijk, hoewel geen enkele vrouw er van nature zo uitziet, nl. met grote borsten en lekker gespierd. M.a.w. ze zitten opgesloten in de gevangenis van het lichaam.

Bibliografie
BOGAERTS, F. Breast Cancer and its impact on sexual relationships. In: P. Nijs, D. Richter (Eds): Advanced Research in Psychosomatic Obstetrics and Gynaecology. 1998 - Peeters Press, Leuven. ISBM 90-429-0026-1
WOLF, Naomi:De zoete leugen of de mythe van de schoonheid. De Boekerij, 1991 .ISBM 90-5093-120-0
Brede heupen, als reden van ontslag. (Renate Dorrestein) In: Opzij, april 1991.
Waarom zijn vrouwen dik? En wat kunnen ze eraan doen? (Mariena Dewulf) In Goed Gevoel, februari 1999.
Vrouwen openhartig over hun lichaam. maar meer nog over hun gevoelens errond. In Libelle, 9

Terug naar indeling achtergrondsinformatie